“Het Belgisch tennis dondert van haar wolk”, kopte Het Nieuwsblad afgelopen week. “Terwijl onze primussen David Goffin en Elise Mertens achter hun beste vorm aandraven, zuchten de nationale teams onder tweedracht, intriges en afzeggingen.” Volgens de auteur van het opiniestuk beleeft het tennis in ons land donkere uren, maar ik pleit liever voor optimisme en ben ervan overtuigd dat de soep bijlange na niet zo heet moet worden opgediend.

Hebben we een probleem? Tja: David Goffin uit, Steve Darcis uit, Elise Mertens en Yanina Wickmayer uit… vorm. Het loopt misschien inderdaad niet zoals we verwacht hadden van onze toppers, maar daar wringt misschien net de tennisschoen: we verwachten (te) veel.

Na het gouden tijdperk van je weet wel wie, bleven enkel Yanina Wickmayer, Kirsten Flipkens, Xavier Malisse en Steve Darcis over. Hoewel het niveau van deze speelsters en spelers beduidend minder was (en van sommigen is), kan je moeilijk beweren dat België plots werd weggevaagd van de internationale tenniskaart: Wickmayer halve finale US Open plus zes WTA-titels, Flipkens en Malisse halve finale op Wimbledon en Darcis incontournable in de Davis Cup. We keken niet langer naar puur en oversneden kampioenen, maar kregen wel nog steeds knappe stunts geserveerd.

Anno 2018 is het aan een nieuwe generatie, maar geen nood: Goffin en Mertens komen heus wel terug boven water. Net als Alison Van Uytvanck, daar ben ik heilig van overtuigd. Wanneer de Grimbergse blessurevrij kan spelen, is zij een te duchten kandidate voor de top 50 van het vrouwentennis.

Intriges en moddergooien

Het is ontegensprekelijk dat het plaatje dat we momenteel hebben van onze Davis Cup- en Fed Cup-ploeg niet erg gelukzalig is. Er zijn issues, zoveel is zeker, maar issues heb je altijd. Denk maar aan de heibel rond Fed Cup-kapitein Ann Devries enkele jaren geleden. Of de troubles van Van Uytvanck en An-Sophie Mestach op en met de federatie? Het grote verschil is dat de kapiteins van beide ploegen (zowel Johan Van Herck als Dominique Monami) dit keer publiekelijk reageerden en daarbij geen blad voor de mond namen.

In de Davis Cup stond België de laatste drie jaar twee keer in de finale en dankzij Monami speelt ons land ook Fed Cup-gewijs weer voor de knikkers. Ondanks al dat geploeter in het modderbad, lang niet slecht, lijkt mij.

Opvolging verzekerd

Ik ben ervan overtuigd dat de tennistieke toekomst van ons land nooit rooskleuriger was dan nu. Nieuwe topresultaten van Mertens en Goffin zijn – mijns inziens – niet meer dan een kwestie van tijd en ook op lange termijn is de opvolging verzekerd. Wat te denken van Lara Salden? En Zizou Bergs? Of Joris De Loore? En waarom zouden we Kimmer Coppejans nu al afschrijven? Als de sympathieke Oostendenaar uit z’n vertrouwensdal kruipt, ligt de top 200 voor het grijpen.

“Sander Gillé en Joran Vliegen, twee Limburgse jongens die vooral bekend zijn bij intimi, familie en naaste buren”, las ik ook nog in Het Nieuwsblad. Ik schrok. Het wil niet zeggen dat wie geen aandacht krijgt, deze niet zou verdienen. Gillé en Vliegen zijn niet minder dan de twee beste dubbelspelers van ons kleine Belgenland. Alleen Malisse, Olivier Rochus en Big Dick (Norman) deden op de ranking de afgelopen tien jaar beter dan hen.

Van bovengenoemde spelers is bovendien enkel Gillé ouder dan 24, wat maakt dat niemand zijn of haar plafond al bereikt heeft. Het potentieel is duidelijk aanwezig.

Op nog langere termijn lijken we al helemaal gebeiteld te zitten. Wat te denken van Alexander Blockx, Sofia Costoulas of nog Hanne Vandewinkel? Op het circuit van Tennis Europe behoren deze youngsters nu al tot de absolute wereldtop.

Uiteraard, het is nog (te) vroeg om nu te stellen dat zij zullen uitgroeien tot de nieuwe Clijsters en Henin (daar heb je ze dan toch nog), maar vergeet niet dat internationaal beloften steeds jonger worden, vooral bij de meisjes/vrouwen. Kijk maar naar de Oekraïense Marta Kostyuk, pas 15 (!) en nu al flirtend met de top 150 van de wereld én op de voet gevolgd door haar landgenote Dayana Yastremska, ook maar 17 jaar oud.

Zo donker als in Het Nieuwsblad wordt beweerd, is het dus zeker niet gesteld met het Belgisch tennis. En de toekomst ziet er meer dan verlicht uit.

Zelf een mening?

Christophe Moons is algemeen coördinator van Tennisplaza. Wil jij zelf je mening kwijt? Stuur jouw opiniestuk naar info@tennisplaza.be en misschien publiceren wij het op Tennisplaza.

Deel:

Over de redacteur

Algemene coördinatie

Volg Christophe op Twitter of stuur een mail naar christophe.moons@tennisplaza.be.