Op 11 augustus 2003 zette Kim Clijsters België definitief op de kaart in het tennis. Ze slaagde er als eerste Belgische atleet in om op het hoogste schavot van de ranking te komen. 

Als dochter van twee sporters stond het in de sterren geschreven dat ook Kim Clijsters een sport zou uitoefenen. Tennis was de uitverkoren sport en al op negenjarige leeftijd blaakte een kleine Kim van ambitie. “Ik wil de beste worden”, verklaarde zo onomwonden.

Als juniore schopte ze het tot het nummer vier van de wereld en won twee junior grandslamtitels in het dubbelspel. In 1999 zette ze haar eerste stappen in het profcircuit en liet ze al van zich horen. Zo won ze haar eerste WTA-titel in Luxemburg, een toernooi dat ze in totaal vijf keer zou winnen. In 2001 zette ze België op z’n kop door als eerste Belgische de finale van een Grand Slam te halen. In de finale van Roland Garros stond de 18-jarige Clijsters erg dicht bij de overwinning maar ging finaal onderuit tegen Jennifer Capriati met 6-1, 4-6 en 10-12.

Op 11 augustus 2003 werd de Limburgse voor het eerst het nummer één van de wereld. Ze werd zo het eerste Belgische nummer één in het tennis (m/v). Die positie bereikte ze door in de finale van het WTA-toernooi in Los Angeles te winnen van Lindsay Davenport. Ze werd de dertiende vrouw die het hoogste schavot bereikte. Een week later, en gelijktijdig met het nummer één in het enkelspel, haalde ze ook de toppositie in het dubbelspel. Ze staat zo in een select groepje van vier speelsters die in dat opzet geslaagd zijn: Martina Navratilova, Arantxa Sanchez-Vicario, Martina Hingis en Lindsay Davenport.

Ze was het eerste vrouwelijke nummer één in de geschiedenis zonder een Grand Slam op haar naam te hebben staan. Daarvoor was het wachten tot 2005 wanneer ze op de US Open haar eerste van vier grandslamtoernooien kon winnen. In totaal stond Clijsters 20 weken op nummer één en was jarenlang een vaste waarde op en naast het WTA-circuit.

Deel:

Over de redacteur

Redacteur

Stuur Kristof een mail via Kristof.Rubens@tennisplaza.be.