Home » Xtra » Gérard: “In 2016 wil ik nóg beter doen”

Gérard: “In 2016 wil ik nóg beter doen”

Share on facebook
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on linkedin
Share on email

Joachim Gérard (27) kende een fantastisch 2015. De Belg beëindigde het jaar als nummer 3 van de wereld én boekte op de Masters een dubbele overwinning tegen het nummer 1 van de wereld. Tennisplaza België strikte hem voor een uitgebreide babbel.

Hoe beleefde je die fantastische prestatie op het einde van vorig seizoen? Twee keer winnen tegen Shingo Kunieda (ITF Wheelchair-1) én de titel pakken op de Masters?
“Ik wist dat ik in staat was om hem ooit te kloppen, maar dat dit zo snel ging gebeuren en dan nog twee keer op de Masters, dat kan ik nog steeds niet geloven. Ik ben héél blij met die prestatie!”

Hoe kijk je terug op het voorbije seizoen?
“Tot aan de Masters in december, was ik best tevreden over mijn seizoen, maar er ontbraken nog enkele afwerkingen. Ik speelde acht finales, maar kon er daarvan slechts één winnen. Na de Masters was mijn seizoen uiteraard méér dan geslaagd, maar hier stopt het niet. In 2016 wil ik nog beter doen.”

Een professioneel tennisser heeft een goede begeleiding nodig. Wie helpt jou in je carrière het meest vooruit?
“Ik heb de kans gekregen om op het juiste moment de juiste mensen om me heen te hebben. Toen ik in 2000 begon met rolstoeltennis, leerde ex-nummer 1 van België, Roland De Meersman, mij veel op het gebied van rolstoelbehendigheid. Twee jaar later ben ik beginnen werken met de professionele A-Trainer, Ronny Van Langendonck, die mij geholpen heeft in de ontwikkeling van mijn techniek en de specifieke rolstoeltennismobiliteit. Met Ronny werkte ik tot 2008 samen en bereikte ik in al die jaren heel wat: ik werd nummer 1 van de wereld bij de junioren, won de Junior Masters en samen met het Nationale juniorteam won ik tweemaal goud op de World Team Cup.”

Wie is je huidige coach?
“Iemand met wie ik al samenwerk sinds 2006: Marc Grandjean. Hij heeft mij op vele vlakken geperfectioneerd, niet enkel in het tennis maar ook in het dagelijkse leven. Ook kreeg ik de voorbije vijftien jaar heel wat hulp van mijn partners en tegelijk ook tegenstanders: Mike Denayer en Gert Vos, mijn fysieke coaches: Fabien Bertrand en momenteel Jonas Wallens, mijn mentale coaches: Dominique Monami en momenteel Michel Villacorta, Club Justine Henin waar ik tennis en tenslotte mijn manager: Vincent Stavaux.”

Hoe past je familie in dit plaatje?
“Mijn familie betekent alles voor mij. Zij hebben mij altijd gesteund en staan nog steeds elke dag ter beschikking voor mij, zowel op als naast het terrein.”

Voorbeelden

Naar welke spelers keek je op toen je opgroeide?
“Ik ben nooit fan geweest van één speler. Als ik naar de Grand Slams kijk, moet ik toegeven dat ik alle grote spelers bewonder. Van Pete Sampras en André Agassi tot de spelers van vandaag als een Novak Djokovic en een Roger Federer.”

In 2006 was je de nummer 1 bij de junioren, nu sta je bij de profs al enige tijd binnen de top 5. Wat zijn je doelstellingen voor 2016 en de verdere toekomst?
“2016 is een belangrijk jaar met in september de Paralympische Spelen in Rio, waar ik de ambitie heb om een medaille te behalen. Ik weet dat dat niet gemakkelijk zal zijn aangezien er heel wat kanshebbers meedingen naar het goud. Ik ben alleszins van plan om door te gaan met tennis tot de Spelen van Tokyo in 2020. Daarna weet ik nog niet wat ik ga doen, maar ik zou graag nog een andere sport beoefenen en wie weet…ook ooit op topniveau!”

Binnen enkele weken start het nieuwe seizoen in Australië. Ben je er klaar voor en wat zijn je verwachtingen?
“Ik ben honderd procent voorbereid. De trainingen verliepen goed en ik voel me fysiek en mentaal sterk. Ik ga proberen om het beter te doen dan vorig jaar (vorig jaar bereikte hij de finale van Sydney, de kwartfinale in Melbourne Open en de halve finale op de Australian Open, nvdr.). Ik weet dat verschillende spelers mij staan op te wachten en willen verslaan, maar ik hoop vooral plezier te hebben op het terrein en met genoegen mijn eigen spel te kunnen spelen.

Ronny Van Langendonck

Ronny Van Langendonck

MEER NIEUWS