Rafael Nadal, die sinds 2024 met pensioen is, heeft in het programma ‘Universo Valdano’ op Movistar+ teruggeblikt op zijn jarenlange rivaliteit met Roger Federer en Novak Djokovic (ATP-4). Volgens de Spanjaard werden die duels altijd gekenmerkt door wederzijds respect, ondanks hun strijd om de grootste prijzen in het tennis.
Federer stopte in 2022, Nadal zelf in 2024, terwijl Djokovic nog steeds actief is. Samen wonnen ze 66 Grand Slams, 104 Masters 1000-toernooien en stonden ze in totaal 947 weken, meer dan achttien jaar, bovenaan de ATP-ranking.
In het interview benadrukt Nadal hoe uniek hun onderlinge band is: “We kunnen zonder probleem samen gaan eten. Dat is iets om trots op te zijn. We hebben op het allerhoogste niveau gestreden, voor de belangrijkste titels, met heel uitgesproken rivaliteiten, maar we hebben die nooit laten ontsporen.”
Volgens de Spanjaard heeft de concurrentiestrijd nooit hun persoonlijke relaties aangetast. “Alles bleef op het terrein. Onze relaties waren altijd gebaseerd op respect, bewondering en zelfs een vorm van vriendschap. Je leert de mensen waarderen met wie je zo lang hebt samengeleefd in deze sport. Ik waardeer mijn rivalen en ik ben blij dat ik deel heb uitgemaakt van deze geschiedenis.”
Voorbeeld voor de nieuwe generatie
Nadal ziet in de huidige rivaliteit tussen Carlos Alcaraz (ATP-1) en Jannik Sinner (ATP-2) een logisch vervolg van wat zijn generatie heeft nagelaten. De twee jonge toppers worden regelmatig lachend samen gezien en tonen onderling steeds veel respect. Volgens Nadal is dat geen toeval: “We hebben eraan bijgedragen dat de nieuwe generaties kunnen geloven dat je een felle concurrent kan zijn zonder je tegenstander te moeten haten.”
“Je kan een band hebben, misschien geen echte vriendschap omdat je op dit niveau wat afstand houdt, maar wel optimale persoonlijke connecties. Dat is een mooie erfenis en een goed voorbeeld dat we hebben achtergelaten.”


