João Lucas Reis da Silva (ATP-325), de Braziliaan die eind 2024 wereldwijde bekendheid verwierf door als eerste mannelijke tennisser uit de kast te komen, gelooft niet dat hij de enige homo is op het mannencircuit: “Ik weet niets over anderen, maar ik denk niet dat ik zo bijzonder of uniek ben”, vertelt hij in een eerlijke en diepgaande babbel.
Reis da Silva, een altijd glimlachende jonge man van 25 die nog steeds zijn plek zoekt op de professionele tennistour, was 2 jaar oud toen hij op bed tussen zijn vader en moeder zat, zijn speen uitdeed en “Guga” stamelde terwijl hij naar de televisie wees. Guga is de bijnaam van Gustavo Kuerten, de Braziliaan die in 1997 Roland Garros won.
22 jaar later, op 7 december 2024 om precies te zijn, trok hij de aandacht van de internationale tennismedia door een foto met zijn vriend op Instagram te posten.
“Gelukkige verjaardag, ik hou heel veel van je”, schreef hij bij een foto waarop hij samen met zijn partner, de Braziliaanse acteur Gui Sampaio, te zien was.
(lees verder onder de Instagrampost)
Eind 2023 stond Reis da Silva nog op plaats 204 van de ATP-ranking, maar in 2024 gooide een blessure roet in het eten en kwam er abrupt een einde aan zijn opmars.
Resultaatsgewijs is er nog een lange weg te gaan, maar het verhaal over de coming out van de Braziliaan is nu al uniek in het mannentennis.
De Amerikaan Taylor Fritz (ATP-4) liet ooit verstaan dat een openlijk homoseksuele speler goed zou worden ontvangen door zijn collega’s, bij de Peruviaan Juan Pablo Varillas (ATP-239) was dan weer een heel ander geluid te horen: “Misschien zijn er wel homoseksuele tennissers, maar zijn ze bang. Dit is een machosport.”
Hoe dan ook, er zijn weinig publieke meningen over homo’s in het mannentennis. Het onderwerp lijkt een groot taboe te zijn of wordt simpelweg genegeerd. Dit staat in schril contrast met het vrouwentennis, waar de situatie helemaal anders is. Denk maar aan Greet Minnen (WTA-90), Alison Van Uytvanck, Daria Kasatkina (WTA-14) en het Argentijnse tenniskoppel Nadia Podoroska (WTA-166) en Guillermina Naya (NG).
“Ik denk niet dat ik zo bijzonder ben, dus ik kan niet de enige zijn in het mannentennis, ik kan niet zo uniek zijn”, knalt Reis da Silva het interview binnen. “Ik weet niets van anderen, maar ik denk dat het onwaarschijnlijk is dat ik de enige homo ben op de Tour.”
Bezorgd om reacties
“Eerlijk gezegd was ik bezorgd om de reacties nadat ik de foto met mijn vriend online had geplaatst, maar ze hebben me echt positief verrast”, geeft de tennisser toe. “Ik had al de steun van mijn familie, vrienden, coaches… Maar een deel van mij maakte zich toch wat zorgen. Toen ik zag dat iedereen me berichten stuurde zoals “goed gedaan!” en dat soort dingen, voelde ik me echt goed. Het was een heel motiverend gevoel.”
“Toen ik zag dat de foto in Europa en wereldwijd werd opgepikt, kreeg ik even een ongemakkelijk gevoel. Ik zei tegen mezelf: “Nee, wat ik gedaan heb is oké, ik hoef niets meer voor iemand te verbergen.” Ik heb al te lang zo geleefd, altijd geprobeerd ervoor te zorgen dat niemand iets wist. Toen ik merkte dat de reacties zo positief waren, voelde ik me opeens gerustgesteld.”
Van de ATP en ITF kreeg Reis da Silva geen reactie, maar niemand minder dan Billie Jean King, een icoon van LGBTQ-rechten, stuurde hem wél een bemoedigend bericht. “En ook veel mensen uit mijn omgeving, waarvan ik al wist dat ik op hen kon rekenen, schreven me lieve berichten. Daarnaast kreeg ik ook veel reacties van mensen die ik niet ken, die zeiden dat ze me bewonderden. Dat gaf me de grootste motivatie.”
(lees verder onder de foto)



Geen rolmodel
“Ik merk dat veel mensen nu naar mij kijken en zeggen dat ze trots zijn, en dat is heel mooi. Maar het is niet iets waar ik naar heb gestreefd”, vertelt Reis da Silva eerlijk.
“Als het posten van die foto in december andere homoseksuele spelers kan helpen om zich meer ontspannen en zelfverzekerder te voelen, zou dat geweldig zijn. Maar ik weet niet of ik degene ben die als voorbeeld moet dienen”, gaat de Braziliaan verder.
Interesse om een icoon of rolmodel te zijn, heeft Reis da Silva niet. “Nee, want ik heb al genoeg om me zorgen over te maken met mijn tennis en met het streven om een betere speler en een beter mens te worden. Maar goed, als mensen zich in mij vertegenwoordigd voelen, is dat heel mooi. Maar het is niet iets dat ik wil, het is niet mijn doel.”
Reis da Silva gelooft dat eerlijk en open zijn over je geaardheid een verschil kan maken. “Ik denk dat dat in de hele maatschappij kan gebeuren, niet alleen bij mijn vrienden. Het was een plotselinge verandering. Dingen die ik vroeger hoorde, hoorde ik ineens niet meer. Misschien praten ze er onder elkaar over als ik er niet bij ben, maar wanneer ik erbij ben, heerst er een sfeer van volledig respect. Dat was een van de mooiste dingen die ik ooit heb meegemaakt. Vroeger wilde ik er met niemand over praten, maar toen ik erover begon te praten, rustiger werd over mezelf en het aan mijn vrienden en iedereen vertelde, merkte ik dat de reactie er een was van bescherming en steun. Dat gaf me enorm veel rust, het deed me echt goed.”
In zijn persoonlijke kring had Reis da Silva in 2019 al openlijk gepraat over zijn geaardheid. “Ik ben daardoor veel meer ontspannen gaan leven. Mijn relatie met mijn coaches is veel beter geworden, net als met mijn familie. Ik kon praten over dingen waar ik het eerder nooit over had.”
“Voor mijn ouders was het in het begin wel een schok, al zei mijn moeder dat ze het al wist en gewoon op mij aan het wachten was. Eigenlijk had ze mij dat wel vroeger kunnen zeggen! (lacht) Moeders voelen zoiets!”
“Het was iets dat al een tijd aan het rijpen was, en ik ben heel blij dat ik het uiteindelijk heb kunnen vertellen”, glimlacht Reis da Silva.
(lees verder onder de Instagrampost)
Met steun van stad en staat
Reis da Silva is bovenal tennisser en intussen hersteld van zijn blessure. Zijn voornaamste doel dit jaar is deelnemen aan de Grand Slams. “Vorig jaar was ik er dichtbij. Ik stond bijna op de hoofdtabel van Roland Garros (Frankrijk, Grand Slam), maar raakte geblesseerd en heb een tijd niet kunnen spelen. Ik voel dat mijn niveau er is, al moet ik nog aan een paar belangrijke zaken werken.”
Momenteel ver van de top 100 verwijderd, valt er voor Reis da Silva niet veel prijzengeld te verdienen op de Tour. “Gelukkig krijg ik steun van mensen die in mij geloven, en ook van mijn thuisstad Recife en de staat Pernambuco. Tot oktober dit jaar kan ik met een gerust hart blijven reizen. Ik hoop dit jaar deel te nemen aan de kwalificaties van de US Open (Verenigde Staten) en in 2026 naar de Australian Open te kunnen gaan.”
Wat is er nu eigenlijk van dat ‘Guga’-verhaal aan, vragen we ons af? Reis da Silva, die van jongs af aan met tennis is opgegroeid, bevestigt dat het echt is. “Mijn moeder vertelt dat verhaal altijd. Ik was 2 jaar oud en mijn ouders lagen in bed naar een wedstrijd van Gustavo Kuerten op tv te kijken. Ik kroop tussen hen in bed, deed mijn speen uit en zei: “Guga”.”
“De hele familie tennist”, vertelt Reis da Silva trots. “Mijn vader, mijn moeder… Mijn broer speelde ook, hij deed mee aan juniorentoernooien in Brazilië, maar stopte al vroeg, op zijn vijftiende of zestiende. Ik wilde alles doen wat mijn oudere broer deed, hij is 6 jaar ouder dan ik. Mijn eerste grote idool was Jo-Wilfried Tsonga. Ik was 8 of 9 jaar en ze noemden me Tsonguinha (kleine Tsonga, n.v.d.r.). Mijn andere twee idolen waren Rafael Nadal en – uiteraard – Guga.”
Dit interview verscheen eerst op CLAY onder de titel ‘It’s unlikely that I’m the only gay man on the tennis tour’ – interview with Joao Lucas Reis’.


